Kruispunt / Opinie

Smaad aan het Koningshuis, Schade aan de Natie

Het onverkwikkelijk gedoe rond de villa Clementine en de zogezegde betrokkenheid van Prins Laurent met de fraudezaak in de marine, is als een luchtbel uiteengespat. Dagenlang werd erover gejend, gefantaseerd en gedebatteerd. Eens te meer voorspelden sommige woelgeesten het nakend einde van België.

Overeenkomstig de nieuwjaarstoespraak van Koning Albert maakte Prins Laurent bekend dat hij de goederen en diensten die hem onrechtmatig door de marine verleend werden, uit eigen beweging aan de staat zou terugbetalen. Van de verdachtmakingen ten zijnen opzichte bleef inmiddels niets meer overeind. De enkele politici die erop gebrand waren in ‘Politica’ het Koningshuis en de eenheid van het Land over de hekel te halen, hadden plots niets meer te vertellen.

De Prins die overigens op geen enkel ogenblik verdacht noch beticht geworden was, werd wel degelijk, op verzoek van een der betichten, enkel gehoord als getuige in de zaak. Zijn verklaringen toonden aan dat de Prins alsook de Koninklijke Schenking, die eigenares is van de villa Clementine, in feite zelf misleid werden door de frauduleuze handelwijze van enkele marineofficieren, aannemers en leveranciers. Dit was trouwens al voordien in het politioneel onderzoek aan het licht gekomen.
Sommigen zullen allicht oordelen dat de Prins hierbij blijk heeft gegeven van zekere goedgelovigheid of naïviteit. De misleiding spruit nochtans vooral voort uit het gebrek aan transparantie der dotaties en vergoedingen die aan het Koningshuis in ’t algemeen en aan Prins Laurent in ’t bijzonder werden toegekend. De ‘normvervaging’ die sommigen de Prins verweten hebben, gold echter ook voor de politici die hem zijn ‘verloning’ al of niet hebben toegekend. Ze is daarenboven op schrijnende manier aan het licht gekomen in de houding, de verklaringen en de handelwijze van sommige politici en andere BV’s die van de gelegenheid gebruik maakten om onze monarchie nog maar eens in diskrediet te brengen. Het is bijzonder pijnlijk te moeten vaststellen met hoeveel haat en verbittering zij het imago van ons vaderland op het internationaal podium hebben beschadigd. De aanwezigheid van talrijke buitenlandse journalisten op het proces, waarin Prins Laurent onnodig in opspraak gebracht werd, is een sprekend bewijs van het misleidend figuur dat de Belgische bevolking, door de schuld van die onruststokers, eens te meer heeft geslagen.

Niemand - behalve wellicht diegene die het avontuur van een republiek verkiest - zal betwisten dat het voortreffelijk ‘werk’ en de uitstekende ‘diensten’ van de Koning en de Koninklijke Prins behoorlijk moeten vergoed en bekostigd worden. De andere leden van de koninklijke familie kunnen wellicht ook een aantal taken en functies vervullen, waarvoor ze de overeenkomstige verloning en vergoeding zouden bekomen; zoniet moet hun de mogelijkheid gegeven worden een andere weg te kiezen. Dit alles moet echter in volledige transparantie en redelijkheid gebeuren. Dit zou niet enkel het land, maar ook de monarchie ten goede komen.

Wie onbevooroordeeld de geschiedenis van ons land sedert 1830 overschouwt moet erkennen dat de monarchie België ontzaglijke diensten heeft bewezen, ook in de meest hachelijke omstandigheden. Wij zijn onze vorsten, die België door de zwaarste stormen veilig in de 21e eeuw hebben geloodst, erkentelijkheid verschuldigd. Het is tevens onbetwistbaar dat onze monarchie, boven alle politiek, gemeenschappen en geaardheden, de stevige hoeksteen is van ons staatsbestel en de noodzakelijke eenheid van het land. Wie dit ontkent, begaat een historische vergissing.

Enkele herrieschoppers meenden in het ‘incident villa Clementine’ een nieuwe gelegenheid te vinden om ons koningschap opnieuw in vraag te stellen. Recente enquêtes hebben aangetoond dat zowat tachtig procent van de bevolking deze doemdenkers niet wenst te volgen. Sommigen hebben intussen opnieuw onbeschroomd de koninklijke familie belasterd en ook de Natie in het buitenland schade toegebracht. Men kan hopen dat de grote, vaak zwijgende meerderheid, hen op hun beurt, eerlang de rekening zal presenteren.

JMP
13.01.2007
Toon alle berichten in Kruispunt / Opinie
JMP-Trends © 2021